Sport
door de immer sportieve profsportprofessor Driekus Vierkant

sporten is niet altijd gezond
sporten is niet altijd gezond

Driekus zat eens met verbazing naar die Olympische Spelen te kijken. Sport. Sportiviteit. Profsport. Drie woorden gingen door het hoofd, drie woorden waar ‘sport’ in voorkomt.

Sport
De herkomst van het woord sport komt eigenlijk uit het Frans, waar het vrije tijd betekende. Sport omvat dus eigenlijk oorspronkelijk gewoon elke vorm van vrijetijdsbesteding, alles dat je amusant of onderhoudend vindt. Dus met je dikke pens met bier en chips op de bank naar sportende mensen kijken valt onder sport. Toch wordt sport meer geassocieerd met beweging, waarbij er bijvoorbeeld iets van een competitief element in zit. Gewoon lekkerder bewegen dan een ander dus. Of lekker samen beter bewegen dan een ander dus. Een beetje lekker bewegen af en toe, het is best gezond hobbyen en vrijerijen. Als je maar een beetje voorzichtig doet, want het is niet tof om de rest van de maatschappij en je werkgever op te zadelen als je geblesseerd raakt.

Sportiviteit
Sportiviteit is heel wat anders dan sport. Er zit een element van ethiek in. Tegen je verlies kunnen, bijvoorbeeld als een ander lekkerder beweegt dan jij. Of je inhouden een ander uit te lachen, als zij minder lekker bewegen dan jij. Dat is ook sportief. Vals spelen, het is onsportief, bijvoorbeeld doen alsof je lekkerder beweegt dan een ander terwijl het niet zo is. Of een ander fysiek belemmeren lekkerder te bewegen dan jij. Ook heel onsportief. Sportiviteit heeft ook te maken met respect.

Profsport
Profsport, ook wel topsport genoemd, is weer iets heel anders. Hobbyisme? Nee professionaliteit! Hier wordt niet meer gewoon lekker bewogen en hier wordt sportiviteit vaak inferieur geacht aan commercie en competitie. Hier MOET je winnen, ongeacht je gezondheid, en zonder respect voor een andere sporter. Fanatieke ouders die sneue kindjes dwingen tot extreme prestaties, daarmee hun kindszijn onthouden. Zo’n arm kind dat vijftien jaar lang moet presteren voor de roem (en de centjes) en daarna fysiek en emotioneel gesloopt in een zwart gat valt. Fanatieke profsporters die zich volpompen met steroïden en EPO, hormonen en andere gevaarlijke goedjes, die elke dag het gewicht van hun uitwerpselen meten om te controleren of ze wel lekker bezig zijn. Profsporters die zich hullen in technisch gestroomlijnde pakjes om nog die ene milliseconde sneller te zijn. Nee natuurlijk ben je niet goed bezig, idioot. Met je chemische en technische valsspelerij. Dit heeft niets, maar dan ook niets met sportiviteit te maken. Laat staan sportiviteit. Je eigen lichaam slopen alleen voor de win, doe normaal. Noem één topsport waarbij het nog gaat om lekker (samen) sportief bewegen, met een leuk competitief karakter, zonder dat de boel totaal verpest is met chemicaliën, technologie en een horde foute technische coaches, medische coaches en perverse managers.

Profsport is een pervers voorbeeld
En dan heb je van die topsporters en bestuurders die roepen dat topsport zo belangrijk is voor den mensch. Dat topsporters het lichtende voorbeeld zijn voor gezondheid en sportiviteit. Nee integendeel, ze zijn één van de meest perverse en doorgedraaide mensen die op deze aardbol rondlopen. Topsporters, blijf er ver vandaan. Is het vermaak voor den mensch? Jazeker. Alhoewel we echt niet snappen waarom horden mannen graag naar andere sportende mannen kijken, maar dat terzijde. We snappen best dat we de volgevreten papzakkerige obesitas paupers in ons land wat meer in beweging moeten krijgen, maar profsport is in alle gevallen, GEEN goed voorbeeld voor den mensch.

Fanatieke amateurs
Want wat is namelijk het resultaat van profsport als voorbeeld stellen voor de amateursportende medemens? Ziek fanatisme. Dan krijg je dus van die dikke babyboomers die hun benen gaan scheren, zich in strakke pakjes hijsen en in groepjes op de fiets stappen. Door Drentistan scheuren op je Koga, luid schreeuwen naar elkaar, alsof je potdomme de hoogste berg in de Tour de France aan het nemen bent, en iedereen voor jouw doorgedraaide hobby moet wijken. Rood aangelopen schreeuwende ouders aan het amateurveldje op zaterdagochtend waarop het met dat balletje spelende kindlief leert dat agressie tussen volwassenen blijkbaar heel normaal is.

Kijk, een beetje lekker bewegen is helemaal niet verkeerd. Het liefst doe je dat samen. En het grappige van die sport is dat het dus helemaal niets kost. Lopen, rennen, seks. Prop je keel iets minder vol met mars-repen en frikandellen, laat die cola staan en bespring je medemens wat vaker. Je leven wordt er een stuk vrolijker van.

Bovenstaande rest ons niets dan pleiten om per direct te stoppen met het financieren van elke vorm van amateursport en bovenal al die perverse topsport vanuit publieke middelen. Je beleid werkt averechts. Stop er gewoon mee. Sportzaken zijn geen overheidsding.

En dan is dit blogje precies op tijd af om naar de Formule 1 te kunnen kijken. Met een potje bier en een zak chips.

Moi.