Geloof

Door de ongelooflijke dominee Driekus Vierkant

Zo schattig. Kleine Driekusje stond op zijn tenen, in zijn beertjespyjama, op een krukje met daarop een stapeltje Pinkeltjeboeken uit het zolderraampje van zijn kamer helemaal boven in die grote boerderie naar de overkant te turen. Hij ademde tegen de ijsbloemen van het enkel glas en veegde het water met zijn mouw weg. De koude decembernacht was kraakhelder en de maan streek haar zilveren licht over het uitgestrekte kanaaldorp, fonkelend weerkaatsend in het bevroren Kieldiep waarover de wind dansende kristallen in mooie patronen joeg. 

Driekus tuurde en wist het zeker: daar achter die schoorsteen, op het dak van Gerda van de Overkant, zat Sinterklaas. Bewoog de gure oostenwind nou die antenne waarmee je zelfs de NDR kon ontvangen? Nee hij wist het zeker: het is de staf van de goedheiligman! Sjonge, welk speelgoed zal kleine Gerda krijgen? En krijgt Driekusje zijn John Deere skelter? Misschien strooit Piet vannacht wel extra veel pepernoten! Wat een vrolijke en onschuldige spanning. Pa en Moe genoten van dit kinderlijke fantasiespel.

Driekus geloofde diep en heilig in de goedheiligman, en ook in de kolder van die grappige maar ook een beetje enge Pieten. Totdat de bubbel barstte nadat het rotjoch Berend van de Schetema’s hiernaast riep dat het gewoon verklede papa’s en mama’s waren. Op het schoolplein maakte Berend ook nog eens stomme grapjes over Driekus zijn liefde voor oude bebaarde mannen in een jurk, en iedereen moest lachen, zelfs die Rooie van 91 moest lachen terwijl ze anders altijd zuur kijkt. Het duurde nog zeker een jaar dat Driekusje in de ontkenningsfase zat. Het sprookje was te mooi om niet in te geloven.

Daarna was Driekus vooral boos. Niet eens zozeer op zijn eigen pa en moe die hem al die jaren voor de gek hadden gehouden, maar op die rottige Berend Schetema, voor het kapotmaken van die mooie droomwereld. Driekus was er knap verdrietig van. Uiteindelijk accepteerde Driekus de situatie, en nam zich als flink kereltje voor: ‘ik ga nooit meer zomaar iets geloven!’. 

In dit vrije land mag iedereen geloven wat hij/zij/hullie wil. Je mag in Sinterklaas geloven, in de kerstman, in eenhoorns en in de paashaas, in jezelf, in communisme, in kapitalisme, in kubisme, in dadaïsme, in alles wat je in krantje leest, in de liefde, in de mensheid, in niets, en in alles.

JESUS

Het coronavaccin heeft sommige mensen een behoorlijke tik gegeven, (deze zin moesten we al tikkend zelf dus heel hard om lachen maar satire moet je niet uitleggen, sorry), want je mag blijkbaar zelfs geloven dat Corona een samenzwering van het WEF is en nog iets vaags met de Lizardpeople, Uil van Minerva, de Russen en een pizzeriakelder vol kinderen. Algoritmen op Facebook, YouTube en Twitter trekken mensen snel een rabbithole bubbeltje van samenzweringstheorieën in. 

Je mag met volle overtuiging geloven dat je eigenlijk een vrouw bent, of superman, of een vliegtuig. Je mag geloven dat broccoli lekker en gezond is. Dat we in een tolerante samenleving wonen. Dat je gelijkwaardigheid bereikt door mensen voor te trekken. Dat er Duitsers op de achterkant van de maan wonen, omdat je dat in een documentaire hebt gezien. Je mag geloven dat er asbest in hagelslag zit. Of hagelslag in asbest. Misschien is dat nog wel erger. Wel heel verdacht. 

Je mag geloven dat iemand die ooit op Twitter een satirisch parodieaccount op een seksistiese chauvinistische boer bedreef, zelf ook zulke denkbeelden heeft. Je mag geloven dat je een slachtoffer bent, of dat er samenzweringen tegen je zijn. Je mag geloven dat de wereld om jou draait als je een beetje dronken van jezelf bent, ter overcompensatie van een minderwaardigheidscomplexje. 

Als iemand je een (lach)spiegel voorhoudt dan is de harde eerlijke reflectie soms zo pijnlijk dat je liever nog dieper in je verzonnen zelfbeeld gaat geloven, in plaats van te durven ontwaken uit die neppe Matrix waarin men zich als de meest Deugende Mensch met De Onwrikbare Enige Echte Juiste Waarheid voorwendt, in de hoop dat goedgelovigen dat ook werkelijk gaan geloven. Eenieder die dat schijnheilige masker een beetje blootlegt die komt te dichtbij de werkelijke ik, een nare ik die men liever zelf niet ziet of wil laten zien. 

Nee, iemand die dat mooie externe imago tart is sowieso de Satan, wat ironisch genoeg ook al zo’n bijgeloofsdingetje is. Sommige mensen staan zo niet dicht meer bij zichzelf, dat ze extern een heel ander karakter zijn geworden dan intern, wat moet dat een energie kosten. Het geloof is een mooi sprookjesbos als je wil wegvluchten voor de realiteit van het leven. 

We denken allemaal zelf rationeel te zijn en alle anderen zijn gek. Duizend mensen, duizend (bij)geloven, duizend meningen, duizend alternatieve waarheden, we noemen het de Mening van Vrijheidsuiting, en Twitter is het platform bij uitstek voor al die soms hilarisch vermakelijke onzin. 

Met feitelijke waarheden heeft het echter allemaal weinig van doen. Sta niet raar te kijken als mensen nogal ongelovig op je reageren, maar wie weet krijg je heel veel volgelingen in je sekte.

Zo zijn er ook mensen met best wel zeer hoge posities in politiek, maatschappij en bedrijfsleven die andere rare dingen geloven.

Zoals dat je 72 maagden in het paradijs krijgt als je volgens de geloofsregels leeft. Maar met 1 vrouw is het soms al lastig leven, dus hoe geloofwaardig kun je iets met 72 vrouwen überhaupt het paradijs noemen? 

Of wat te denken van het geloof in een man in de hemel en dat vrouwen uit een rib van een man zijn ontstaan en dat ongelovigen en andersdenkenden ketters zijn die je mag onderdrukken, martelen en vermoorden.

En dat iemand over water kon lopen. Ik geloof dat dit gewoon een of andere Jelle uit Friesland was die in de ijstijd over een bevroren meer liep. Dat geloof ik dan weer. 

Drie heilige kusjes.